Daniël 6

Scroll/swipe naar rechts binnen de tabel om deze volledig te bekijken.

6. Bidden mag dan niet meer.

Daniël Bijbellezing door Dato Steenhuis,

2 november 2003
      Lezing

Lezen: Daniël 6
Een paar keer probeerde ik duidelijk te maken dat het eerste stuk, het verhalende stuk uit het boek Daniël, niet los gemaakt kan worden van het tweede stuk, het meer profetische stuk. De verhalende geschiedenissen van bijvoorbeeld Daniël in de leeuwenkuil. Of, zoals de vorige keer, het schrift aan de wand. Of de waanzin van Nebukadnezar. Of het gouden beeld door Nebukadnezar zelf gemaakt. Die verhalen, die gebeurtenissen, die heb je nodig om het tweede stuk van dit prachtige profetische boek te begrijpen. En dit is bedoeld voor gelovigen, voor mensen die de Here Jezus Christus hebben leren kennen als hun Heiland en als hun Verlosser. Ik hoop ook dat jullie daar echt bij horen. We kunnen er omheen draaien. Je kunt zeggen: “Nou ja, een beetje gelovig is misschien ook wel genoeg.” Dat is niet genoeg. Een beetje gelovig is niet genoeg. Het enige dat telt is geloof in de Here Jezus. Daar moet je ernst mee maken. Hoe duidelijker je de tekenen van de tijd uit de profetieën, bijvoorbeeld uit deze geschiedenis, opmerkt, des te duidelijker wordt het ook dat je heel concreet moet zijn. Voor jezelf misschien een beetje streng of voor anderen. Dat bedoel ik niet schoolmeesterachtig, maar gewoon duidelijk dat er geen andere mogelijkheid is om gered te worden dan door het geloof in de Here Jezus. En ik hoop dat jullie allemaal de Here Jezus hebben leren kennen. Wij bidden daarvoor, echt, iedere keer opnieuw. Dat als er mensen zijn, jonger of ouder, die de Here Jezus nog niet zo kennen als Heiland, als persoonlijke Heiland en persoonlijke Verlosser, dat dat wel mag gaan gebeuren. Dat je echt vrede met God hebt, door het geloof in Hem.
Ik zal je nog wat zeggen: Als je de Here Jezus kent als je Heiland en als je Verlosser, dan is het moment misschien wel heel spoedig aangebroken dat jij naar de Here Jezus zult gaan. Niet om weg te gaan als iemand die gestorven is, maar als iemand die door de Here Jezus wordt thuis gehaald. Dat zou wel eens veel dichterbij kunnen zijn dan wij vermoeden. Ik moet dat even kwijt omdat ik mijn, ja mijn onderwijs van Dan. 6 graag wil neerleggen in jullie harten. De volgorde is als volgt: De Here Jezus is nu naar de hemel gegaan. Hij is daar naar toe gegaan op een geweldige manier, met een gloriewagen. die je in Ez. 1 omschreven vindt. Prachtig, dat voertuig van de Here tart alles. En ik zou alle mensen van Autosalon Geneve en van Parijs en Amsterdam en weet ik veel waar ze allemaal gehouden worden die autotentoonstellingen, willen uitnodigen om het model uit Ez. 1 eens na te maken. Dat lukt niet, maar ik zou het wel willen. In elk geval zou het de gelovigen toch ernst moeten zijn om eens een keer te kijken naar dat hemelse voertuig van de Here Jezus. Lichtmetaal, ik heb het al een paar keer geventileerd, chasmalim, hemelwezens, raderen, voor ons substantie, 17 inch velgen, 16, 15. Ofanim, hemelwezens. De motoren, Cherubim, hemelwezens. Dus: materiaal, hemelwezen, wij zouden zeggen: Het moet toch iets van vastigheid hebben. De raderen hemelwezens en de aandrijving ook hemelwezens. Alles hemelwezens. En daarboven een troon en daarboven zit de Here Jezus. En ik kan u bewijzen, dat zal ik vanavond niet proberen, want dat vergt te veel tijd, dat de Here Jezus zo, nadat Hij het werk volbracht had, naar de hemel is gegaan. Met die hemeltaxi, met dit voertuig van glorie is de Here Jezus naar de hemel gegaan. Want de bijbel zegt dat Hij wegging zoals Hij terugkomt. En je weet heel precies hoe de Here Jezus terugkomt. In grote kracht, in grote heerlijkheid. En als die hemelwagen landt op de Olijfberg daar vlak voor Jeruzalem, dan straat de aarde en dan splijt die berg middendoor, en dat wordt ja, een gigantisch moment. Want dan landt die hemelwagen weer. Maar er is nog iets. De Here Jezus zegt: “Ik ga nu heen om u plaats te bereiden.” Hij is heengegaan. “En als Ik heengegaan ben, dan kom ik weer en Ik zal jullie tot Mij nemen, opdat ook jullie zijn mogen waar Ik ben.” Zal ik het anders zeggen: Hij stuurt Zijn hemelwagen, en jij mag instappen. Bij ons op het dorp was vroeger één auto. Klein dorpje dus. En ik maar hopen dat ik een keer in die auto mocht zitten. Nou, dat gebeurde een keer. Mijn vader had een klus en vroeg de eigenaar, een soort garagehouder, stalhouder heette dat geloof ik nog in die tijd of hij dus een ritje wilde maken. Ik mocht mee. Nou, ik zat heel dicht bij het raam. Niet zo zeer om uit te kijken, om die bomen te tellen die ik zag, maar ik hoopte toch zo dat een paar vriendjes mij zouden zien in die auto. ik weet niet meer of dat gelukt is, maar dat was wel mijn insteek. Stel nu eens dat de Here Jezus vanavond Zijn hemelwagen stuurt en zegt: “Sterke arm, daar moet je zijn.” Daar komt dat ding. En zegt tegen ons….. Nou ik denk niet dat we tijd hebben om te piekeren over: Zouden onze buren ons wel zien in deze limousine van de hemel. Ik denk dat het te vlug gaat. Ik wil je gewoon vertellen: het zou wel eens kunnen zijn dat die hemelwagen van de Here Jezus heel spoedig komt en dat jij en ik mogen instappen. En dat we zo in een punt des tijds, in een ondeelbaar ogenblik. Nou, [??] als die hemelwezens in beweging komen. Dat gebeurt namelijk ook al bij mensen die naar het paradijs gaan. Het is niet zomaar dat in de bijbel staat dat de arme Lazarus door de engelen gedragen werd. Door de engelen gedragen werd in de schoot van Abraham. Dat is niet toevallig. Ik wil er alleen maar mee zeggen: Er is zo ongelofelijk veel te beleven als je aan deze dingen denkt. Goed, stel nu eens dat die hemelwagen vanavond komt, en wij stappen in. Wie hebben dan een kaartje. ik heb er één. Allen die geloven in de Here Jezus die hebben er één. De vraag is niet of je van kerk 1 of van kerk 113 bent, maar de vraag is wel of je de Here Jezus kent als je Heiland en als je Verlosser. En als dat zo is, dan ga je instappen en dan ga je met ons naar Hem. Op dat moment wordt het hier op aarde heel anders. Als de gelovigen weg zijn, ja, dan staan hier een hele zooi auto’s. Nou, die mogen ze houden want al die auto’s samen verbleken bij die ene waar we net ingestapt zijn. We gaan naar de Here Jezus, en de mensen hebben wat hier staat voor her oprapen, letterlijk en figuurlijk. Maar de tijd die dan gaat aanbreken wordt een hele moeilijke. Die tijd wordt volgens de bijbel gekenmerkt door grote druk, door grote moeite, grote spanning. en de mensen hebben aanvankelijk het idee van: Het wordt beter. De economie keert zich. De aandelenkoersen stijgen, de AEX gaat omhoog. Weet ik veel hoe ik het allemaal zeggen moet, maar enfin, je leest de krant van morgen maar. Dat idee komt dan een beetje en op hetzelfde moment komt Israël gigantisch onder druk te staan. Als die grote verdrukking aanbreekt, die tijd van grote nood en die, ja, die duurt 3½ jaar volgens de bijbel. Nu, het kan zijn dat er nog een tijd vooraf gaat aan die grote verdrukking, aan die periode van 3½ jaar, maar hoe dan ook, 3½
jaar zullen ze enorme, enorme druk kennen. En Israël wordt aan alle kanten belaagd, aan alle kanten bestookt, aan alle kanten onder druk gezet. Totdat, ja, totdat die hemeltaxi weer komt en op de olijfberg landt. Dan komt de Here Jezus, en ik kom met Hem, jij ook. Nog een keer in die taxi. Ja, moet een voorrecht voor ons zijn. Al was het alleen maar voor het ritje.Sorry, heel plastisch, maar het is een geweldig moment, dat je met de Here Jezus uit de hemel mag komen, om hier op aarde Hem te vergezellen als Hij Koning en Here wordt, door iedereen gehuldigd. Dat is het scenario. Dat is de loop van de gebeurtenis En ik vertel dit omdat ik nu naar Dan. 6 ga kijken.
Dan. 6 is een illustratie van Israël in de tijd van grote nood. En nu zit u midden in het verhaal. Israël in een enorme druk. Nou kun je zeggen: ‘Dat is nu ook al zo.” Nou, voor een deel is dat zo. En we zien daarom en daaraan dat de komst van de Here Jezus vel dichter bij is dan wij waarschijnlijk vermoeden. Want als die druk die Israël zal meemaken in die tijd van grote verdrukking, waarvan de Here Jezus zegt: “Als het langer dan 3½ jaar zou duren, nou dan zou er niet één overblijven.” Vanwege Israël is die tijd op 3½ jaar gezet. Als dat 7 jaar had moeten duren, dan was er gewoon teveel druk geweest, en dan was het gewoon helemaal over geweest voor dat hele volk. Zegt de bijbel, de Here Jezus Zelf. Goed, Israël komt in een enorme druksituatie. We noemen dat de tijd van de grote verdrukking, of, bijbels, de verdrukking, de grote. En die grote verdrukking, die wordt hier in een verhaalvorm, in een illustratievorm aangegeven. In de rest van het boek Daniël wordt tot in detail aangegeven hoe gemeen volkeren dan gaan opereren. Wat ze allemaal gaan doen en wie dat doet. En hoe dat verder verloopt. Dat vind je allemaal terug. Maar hier nog een verhaal. en je hebt dat verhaal nodig, broeder, zuster, om de rest van dit boek te begrijpen. Dat boek dat gaat over een enorme moeilijke periode voor het oude volk van God. Hebben de Joden het dan gewoon verknald. hebben ze het dan slecht gedaan. Nou, nee, dat niet. Hier uit dit verhaal blijkt, deze geschiedenis blijkt, dat Daniël één van de knapste koppen is van het hele gebied. Nou ja, daar ga je hè. Iedereen moet toestemmen dat ze toch wel superintelligent zijn, die Joden. Dat ze wel wat hebben. en dat, ja, de financiële wereld, ja, laten we maar voorzichtig zijn, daar hebben ze wel een flinke vinger in de pap. En in de economische wereld ook. En als het gaat om de Joodse lobby in Amerika, nou, die is knap sterk, om niet te zeggen, heel erg sterk. Nee, als het gaat om: Willen ze wel werken. Nou, ik denk dat je dan allemaal moet zeggen: Jazeker. Desnoods met een karretje, handkarretje, met een beetje negotie, een beetje spelden en een paar stukjes elastiek, de boer op. Maar ze gingen wel. Ik wil het gewoon zeggen. Daniël spring eruit als het gaat om zijn plichtsbesef, om zijn activiteit, om zijn inzet. Dat werd allerwegen geroemd. En dat zagen ze. En die vreemde koning, die nu de baas was daar in het rijk van voorheen Babel, maar nu Iran. Dat Iran-rijk was inmiddels hier gekomen. En die koning die zegt: “Nou, ik wil Daniël tot één van de allergrootste maken. Want wat hij doet, wat hij aanpakt dat is goud.” En die mensen ken je hè, van gehoord. Wat die lui aanpakken, dat is goud. Wat zij in hun vingers krijgen dat is gelijk zegen hè, toch hè. Hoe zou zo’n klein landje, veel en veel minder inwoners dan Nederland, net zo groot, maar veel minder inwoners, zoveel invloed kunnen hebben, ook economisch. Als u de berichten volgt, ja niet in de Telegraaf en Algemeen Dagblad, aardige krant misschien voor u, maar daar staat niet in wat ik bedoel. Wat ik wel bedoel dat staat in een blad als Het Zoeklicht of Middernachtsroep of Nieuws uit Israël. Wat zij doen aan uitvindingen op het terrein van computertechniek, op het terrein van medische wetenschappen, op het terrein van nucleaire wapens op het terrein van raketten en, en, en. Dat is onvoorstelbaar. Relatief springen ze er heel duidelijk uit. Daniël, je ziet het hier gebeuren. Zie je die man Daniël naar boven komen drijven. ik wil het verhaal gewoon vertellen. Maar je moet het wel een beetje gaan zien. Nou, er is natuurlijk een gigantische tegenstander die helemaal niet wil dat dit gebeurt. En buiten Daniëls gezichtsveld wordt er op een gigantische manier een complot gesmeed. Buiten het gezichtsveld van de Joden zijn er complotten. En de leiders die worden gemanipuleerd. Zoals die mensen in een complotvorm die koning inpakten. Hoh, hoh, koning, u bent de allerbeste die er ooit geweest is. Nooit is er een betere koning geweest dan u. En weet u wat u doen moet om een keer echt te onderstrepen wie u bent. Dertig dagen niemand een verzoek richten tot welke god of zo ook, alleen tot u. Nou, die koning, die, je zag hem groeien hè. Pff, me the big number one. het was in één keer klaar. En hij pff, tekenen hè, jazeker, zo’n kans laat je je toch nooit ontglippen. Gewoon gemanipuleerd. En hij trapte erin, nu zeg ik het maar net zo als ik het denk, op een gigantische manier. Dat gebeurt. De koningen die worden gemanipuleerd.door machten en krachten die op een gemene op een slinkse wijze bezig zijn om terrein te veroveren. En je ziet het hier gewoon voor je ogen gebeuren. En dan, ja, dan moet de slag geslagen worden. Dertig dagen mag niemand een gebed doen. Stel je voor. Wat schoot die koning er eigenlijk mee op. Ja, nul natuurlijk. Alleen maar opgeblazen gevoel. Ik, ik ben toch wel de allerhoogste. Dat is het enige. is het rijk er beter van geworden, het Iran-rijk daar. Welnee. Schoten ze daar echt iets mee op. Nou, ook niet. Maar waarom dan. Ja, waarom, precies. Eigenlijk is het allemaal niks. Maar de complotten erachter die zijn typerend hier in dit verhaal. De complotten erachter zijn typerend voor wat er gaat gebeuren. Wat schiet Europa er mee op als ze anti-Joods wordt. Ze waren pro-Joods, althans, een groot deel. Is allang voorbij. Maar wat schieten ze er nu mee op. Ook niks. En waarom zijn ze dan zo. Als je de mensen, op de keper beschouwt, en vraagt, dan zeggen ze: “Ja, ja, ja, Europa, eenwording, we moeten toch één koers gaan varen, een policy gaan doen.” Weet je wel, dat zijn de kreten. Nou, die zijn net zo vaag als drie dagen mist. Dus daar schiet je ook geen ene klap mee op. Maar dat is wel wat er gebeurt. Je ziet in deze geschiedenis heel scherp wat er met Israël gebeurt, heel precies. En dat verbaast me. Dat heeft me enorm gepakt. En je ziet hoe daar een soort stelsel, zelfs niet een bewust door de politieke leiding gewild, maar opgedrongen. Die koning die is bij de leeuwenkuil: Oh hoh, hoh Daniël, heeft uw God u misschien…… Want die wilde dat helemaal niet. Die voelde daarna al heel snel nattigheid, dat hij gewoon een verkeerd besluit genomen had. Hij voelde haarscherp aan dat hij zich had laten manipuleren. Hij voelde heel scherp aan dat hij een wet getekend had waarvan hij denk: Dat had ik nooit en nooit moeten doen. Maar hij kan niet meer onderuit, hij kan niet meer achteruit, hij kan niet meer vooruit, hij kan het niet meer. hij kan nergens meer heen, hij zit vast. Ze hebben hem helemaal vast gekletst. Juridisch kan hij geen kant op. Zo zouden we dat vandaag zeggen. Hij zit echt klem. Nou ja, dan maar een avond geen TV kijken, geen verstrooiing. Dat staat in uw bijbeltje. Nou ja, u mag wel en andere invulling geven. Maar goed, geen verstrooiing voor die man. Geen verhaaltjesvertellerij gewoon. Nou ja, hij is gewoon genomen, gepakt. En hij gaat ‘s morgens vroeg naar die leeuwenkuil waar Daniël ingegooid was en ja, ja, je kent het. Ik heb het met je gelezen. hij wilde dat eigenlijk helemaal niet. De duivel hè, die duivel, die tegenstander, die heeft allerlei complotten, heeft allerlei lieden die hij in beweging zet om iets te doen. Snap je nu wat Ef. 6 bedoelt. Onze strijd is niet tegen vlees en bloed. het zit hem niet in die koning, niet in deze man. Die wilde dat eigenlijk helemaal niet. Ja, hij was natuurlijk hartstikke eergevoelig en toen gingen ze op die snaar eventjes een mooi toontje spelen, weet je wel, met een strijkstok. En daar tuinde hij in, dat is zo. Onze strijd is niet tegen vlees en bloed, maar tegen overheden, tegen machten en krachten die daar achter zitten.Nou, dat zijn die complotmensen. Die proberen van alles op touw te zetten. Zo is het gegaan, zo gaat het nog.
Daniël, hij heeft in zijn eigen kamer open vensters in de richting van Jeruzalem. Nou, dat is al een prachtterm. Drie maal daags boog hij zich daar. In de richting van Jeruzalem.bad hij. En hij deed dat zoals hij dat ook daarvoor had gedaan. Even opzoeken, 1 Kon. 8:46. 1 Kon. 8:46: Wanneer zij tegen U zondigen, dat zegt Salomo bij de inwijding van de tempel, een soort rede van Salomo, profetische rede. Wanneer zij tegen U zondigen, er is immers geen mens die niet zondigt, en Gij op hen toornig wordt, en hen overlevert aan een vijand, zodat men hen als gevangenen wegvoert naar het land van de vijand, ver of nabij. Nou, dat was gebeurd met Daniël hè, heel precies hè. Wanneer zij het dan ter harte nemen in het land waarheen zij weggevoerd zijn. Zich bekeren en tot U smeken in het land van wie hen weggevoerd hebben. Dus in Babel in dit geval. En zeggen: “Wij hebben gezondigd, ongerechtigheid bedreven en goddeloos gehandeld”, wanneer zij zich dan tot U bekeren met hun gehele hart en met hun gehele ziel in het land van hun vijanden die hen weggevoerd hebben. Nou moet u opletten. En wanneer zij tot U bidden in de richting van het land dat Gij hun vaderen gegeven hebt, in de richting van de stad die Gij verkoren hebt, en van dit huis, de tempel, die ik voor Uw naam gebouwd heb. Hoor dan in de hemel, de vaste plaats Uwer woning, naar het gebed en smeking en verschaf hun recht. Vergeef Uw volk hetgeen, waarin zij tot U gezondigd hebben. Letterlijk, Salomo had gezegd: “Als je ooit in ballingschap gaat, als je ooit in Babel komt”, nu zeg ik het maar gewoon, “als je ooit in Babel komt en je gaat je dan tot de Here wenden, je bekeert je, je wilt je echt voor de Here verootmoedigen, en je bidt in de richting van Jeruzalem, in de richting van deze stad, in de richting van dit huis: Hoor dan Here in de hemel, de vaste plaats van Uw woning en verschaf recht.” Waarom had Daniël open vensters in de richting van Jeruzalem. Waarom bad hij in die richting. Ja, wij vinden het wat moeilijk dat mohammedanen een bepaalde kant op bidden. Wij hebben dat niet. Nou, misschien is dat wel ons probleem. Ik zal het nog wat anders zeggen. Daniël heeft denk ik letterlijk de toespraak van Salomo toegepast. Dat denk ik, letterlijk. Want er is nog iets, voor mij. Ik wordt vaak aangesproken op die tekst uit Ps. 122, dat we bidden moeten voor de vrede van Jeruzalem. Als je dat niet doet dan kun je wel eens een soort reprimande van: Broeder, dat had je wel moeten doen. Dat is een nadrukkelijk bevel, en je doet het niet dus ondeugend, ontrouw of zo. Ondeugend is misschien geen goed woord, maar..… Ik zal het wat anders zeggen. Heb jij nog open vensters in de richting van Jeruzalem. Wat bedoel ik daarmee. Zie je nog een beetje van wat er straks gaat gebeuren met die stad. heb je door dat juist daar, vlak bij die stad de hemeltaxi, die gloriewagen, die troonwagen van de Here Jezus gaat komen. heb je door dat dat niet is op de Lemelerberg, op de Nijverdalse berg. En ook niet in het dal van Veenendaal. Weet je dat de hemeltaxi gaat landen bij Jeruzalem. En weet je dat de Here zegt: “Dat is Mijn stad, die stad.” Ik zou daar zo graag over willen doorpraten. Deut. 12 zegt zo prachtig: De Here zal een stad uitkiezen uit één van uw stammen en die stad dat zal Mijn woonplaats zijn. Daarheen zult gij gaan. Daarheen zult gij brengen uw offeranden. Daarheen zult gij uw [?] geschenen. Daarheen gaan de stammen op. Daar, daar, daar, Jeruzalem, Jere-shalom, voorzien-in-vrede. Daar gaat het gebeuren, dat zal het zijn, en dat blijft het. en als Zacharia het heeft, en dat is al ver na de wegvoering, dat Jeruzalem zal blijven voortbestaan te Jeruzalem, dan is het net alsof de Here zegt: “Ik zal je de postcode er even bijgeven. Dan vergeet je het niet meer”, zo precies. Maar heb jij open vensters in de richting van Jeruzalem. Zie je nog iets van deze dingen. Zie je iets van de glorie van onze Here Jezus Die spoedig gaat komen. Zie je iets van dat enorme perspectief. Zie je iets van de stad van de grote Koning. Want zo wordt Jeruzalem genoemd in Ps. 48, Matt. 5 ook, citaat uit Ps. 48. Zie je iets van JHWH sjama, de Here is aldaar, Hij zal er zijn, Hij is er, Hij blijft er. Dat is de stad die de Here verkoren heeft. Daar zullen de stammen zijn. Daar zullen de priesters van Zadok zijn. Daar zullen ze de offeranden brengen. Daarheen gaan de volkeren van heinde en ver naartoe. Daar gaan ze lofoffers brengen. Daar gaan ze loofhuttenfeest vieren, elk jaar opnieuw. Zie je nog iets van deze dingen. heb je nog open vensters in de richting van Jeruzalem. Of zit er enorm veel gordijn voor, vitrage. Dan zien ze het niet zo. Dat is ons probleem denk ik. We hebben het wel hoor, jawel, maar dat hoeft de buurman toch niet te zien, nee. Nee, gewoon, lekker intiem, onder ons. Knus, wij in ons eigen kerkje. Wij in ons eigen clubje. Wij met onze eigen theorietjes. Maar ja, de rest. Snap je wat ik bedoel. Ik denk dat het hele beeld van Dan. 6 zo scherp is, dat je er niet meer onderuit kunt. Open vensters in de richting van Jeruzalem. Dat betekent: De Here Jezus komt, en het gaat daar gebeuren. En ook al hebt u helemaal geen sympathie voor de Israëlieten, voor de Joden, u mag in elk geval denken: Daar gaat het gebeuren. En dat volk wordt middel van God, kanaal van God, om de zegen van de Here naar volkeren, te laten stromen. Dat is helder, dat is volstrekt duidelijk. Daarover spreken wij, hier in dit gezelschap. Dat is één van onze thema’s. Open vensters in de richting van Jeruzalem. dat is niet alleen een kwestie van: O Here, ik zit klem en nu bid ik maar naar die kant, want ja, nou, daar zult U het beste, daar zult U het beste horen. Zou de Here alleen maar horen als ik, laat ik maar zeggen, in de richting van Jeruzalem bid. Dat doen de moslimmensen, weet je wel, in de richting van het oosten. Hebben een soort kompasje, gebedsmatel uitrollen. Ik heb daar toch sympathie voor hoor. Want ik denk hier aan. Maar hoe doe jij het dan. Nu snap ik best dat jij zegt: “Ja, maar moet het dan zo letterlijk. Moet ik dan eerst uitmaken waar Jeruzalem ligt en dan ja, mijn antenne daarop richten, even fijnafstemming.” Dat doet u met uw radio automatisch, dat hebt u allang ingekocht. Natuurlijk, in de auto, want u hebt altijd een fijnafstemming. En u hebt een schoteltje, die gaat automatisch draaien als u een beetje aan het bewegen bent. U hebt het allemaal geregeld. behalve de geestelijke lading. Nee, dat kan ook wel wat anders. Ik wil geen wettische toestanden, ik wil helemaal geen wettisch kader. Maar ik wil zo graag dat ons hart zo vol wordt, zo geweldig geladen wordt, dat we zeggen: “Dat is het. Ja, dat moment Here Jezus, dat U gaat komen.” Dat er een gigantische druk aan vooraf gaat, dat blijkt hier en dat blijkt uit de rest van het boek Daniël Maar ook jij vandaag, als je open vensters hebt in de richting van Jeruzalem, dan wordt je soms ook voor de leeuwen gegooid. Ja, iets anders, maar toch. Als je uitkomt voor het feit dat Jeruzalem de stad van de groten Koning is, en dat Jeruzalem het punt wordt waar de Here Jezus gaat regeren, dat Hij zijn troon daar wil vestigen en nergens anders. ook al vinden wij, ja weet ik veel, onze stadjes mooier dan Jeruzalem, of groter. Nou die zijn er. er zijn best veel grotere plaatsen dan Jeruzalem in de hele wereld. Jeruzalem heeft 800.000 inwoners, 900.000 loopt het nu naar toe. Maar ja, heeft Amsterdam ook. En in het buitenland zijn wel grotere steden 16 miljoen, 21 miljoen, of een ander getal. Er zijn best groten steden. Er is maar één Jeruzalem, waar de berg Moria ligt, waar God een lam voorzag: JHWH jere, Jeruzalem, Waar de berg Sion ligt, waarvan de Here zegt: “Daar is mijn troon, let op, daar gaat het gebeuren.” En op de Moria, daar zal een huis staan. Met een altaar zo gigantisch. Nu wordt de skyline van Jeruzalem nog beheerst door een gouden koepel. Je kunt geen foto van Jeruzalem zien of je ziet die gouden koepel als onderdeel van de skyline van dat hele portret. Dan wordt de skyline van Jeruzalem beheerst door een altaar. Altaar uit Ezechiël, groot. En de priesters van Zadok. en als je dan op de Olijfberg staat, zoals je nu naar de gouden koepel kijkt, dan zeg je: “Kijk, zie je, daar zijn ze. Ze zijn aan het offeren.” Jeruzalem, Jeruzalem. Open vensters in de richting van Jeruzalem is meer dan een formele richting. Open vensters is uitkomen voor. Natuurlijk had Daniël hiervan gehoord. Hij wist, dat blijkt. hij had gordijntjes kunnen laten aanschaffen . Even naar van Kooten woninginrichting, en je had een compleet gordijnensetje kunnen…..sorry hoor, toch. Het is niet gebeurd. Waarom niet, omdat hij zich niet schaamde. hij kwam er voor uit. Heb jij open vensters in de richting van Jeruzalem. Of heb jij leuke gordijnen gekocht. Nu, die gordijnen zijn: Ja, weet je, bij ons in de kerk snappen ze er eigenlijk geen biet van, dus het is paarlen voor de zwijnen werpen. En dat is zo prachtig om dat tegen elkaar te zeggen hè. Want die kerkmensen zijn dan zo anti, dat je het maar opgegeven hebt. is dat zo, is dat een excuus. Als Paulus zegt: “Houdt aan, tijdig en ontijdig”, wat moet je dan. Heb je open vensters in de richting van Jeruzalem. En bid je daar 3x per dag voor. Bij het ontbijt en de lunch en het dineetje, ja, best. Bid je 3x per dag: Here Jezus, U komt, U gaat komen. De Koning komt en Hij gaat heersen in Jeruzalem en Hij gaat daar tronen en Hij gaat daar Zijn plaats innemen. Wat een geweldig stukje perspectief. Als je dit zou doen, zou je wel eens ja, gevaar kunnen lopen. En dan wordt je ja, verguisd. Voor de leeuwen gegooid, zoals Daniël. Want achter alles zit de satan met zijn complotten. Ik bedoel, als jij op tegenstand stuit in je eigen groep, in je eigen omgeving, in je eigen familie, dan is het niet de familie. Die familie, die zijn heel sympathiek. Waarschijnlijk hebben ze op je verjaardag nog een leuk kadootje meegebracht of zo, hoop ik voor je. Maar achter die familie zit het complot. Nou, moet ik achter iedereen dan een complot zien te ontdekken. Moet ik dan weer zo lopen: O ja, er zit een demon achter die boom, en een complot achter dat vrouwtje. Moet ik dan zo angstig, zo, och. daar wordt je helemaal, ja, misschien wel depri van. Bedoel ik dat, nee. Ik bedoel het helemaal niet deprimerend. Maar ik bedoel wel te zeggen dat het zo is. Heeft Daniël niet geweten wat er zou gebeuren. Zou hij gedacht hebben: Ze zien mij hier niet. Hij heeft heel bewust gehandeld. En lieve mensen, Israël gaat door een hel, gaat door een enorme leeuwenkuil. Maar de Here zal ze eruit halen. De Here zal ze redden. De Here zal ze redden. De Here zal de muil van de leeuwen toesluiten. Er komt een moment dat God zegt: “En nou ophouden met jullie gebrul, stop! Ik ben de baas van de leeuwen”, zoiets. Dat gaat komen, die grote mond van chef A en chef B en weet ik veel wie het allemaal voor het zeggen hebben in de wereld, die wordt gestopt. De leeuwenkuil blijkt niet meer te werken. Israël komt eruit. Dat is het beeld, dat is het tafereel, dat is de lijn die hier is, heel duidelijk. En jij en ik zitten eigenlijk verwonderd te kijken. En ik begrijp nu dat ooit in Johannes de Heer een lied gestaan heeft, misschien nog wel: Wees ook jij een Daniël. Sta als het moet alleen. En hoe kan dat. Nou, dat kan alleen maar als je ziet Wie de Here Jezus is. Toen de Here Jezus naar Jeruzalem wilde geen hebben ze ook op alle, alle manieren willen verhinderen. Ze wilden niet dat Hij Koning over hen zou zijn. Ze hebben Hem verguisd, ze hebben uiteindelijk Hem verworpen. En de Here Jezus zegt: “Ze hebben dit aan het groene hout gedaan. Jullie zijn het dorre hout. Dus ze zullen het jullie ook wel doen.” Hier ligt het. Zouden we nog durven. Ja, zo’n samenkomst van ja, als je nog een klein beetje gekieteld wordt, een klein beetje aardig gestemd raakt. Maar ja, nu, nu….. Zoiets? Lieve mensen, denk nu eens aan de Here Jezus. Het gaat om Hem. Het gaat om Zijn eer, het gaat om Zijn glorie, het gaat om Zijn troon, het gaat om Zijn stad, het gaat om Zijn volk. Hij heeft een plan. En Jeruzalem is daarin centraal te plaatsen. Heel duidelijk centraal. En dus moeten we vandaag zeggen: “Here, hier zijn we.” Bidt u nog voor Jeruzalem. Nou, bij het woordje: Bid voor de vrede van Jeruzalem, denken we: Nou, dat alsjeblieft de Palestijnen ophouden met aanslagen. Is dat het precies wat ik bedoel. Nou, eigenlijk niet nee, nee. Natuurlijk bid ik dat. Ik bid dat dat niet gaat gebeuren. Maar dat is niet helemaal wat ik bedoel. ik bid dat er een moment gaat komen dat de Here Jezus, de Vredevorst, in Jeruzalem op de troon gaat zitten. En dan, ja dan, is de vrede van Jeruzalem een feit. En dan zal de vredestroom vanuit Jeruzalem ook, ik weet niet waar naartoe gaan stromen. Een geweldig moment. Ik zie in deze geschiedenis van Daniël in de leeuwenkuil heet hele probleem van de grote verdrukking. Natuurlijk zijn er oversten die gewoon, ja, er in getuind, in een val gelopen zijn. Nou, dat gebeurt hier. Maar de Here zal de muil van de leeuwen toesluiten. Ik herinner me, ik was nauwelijks tot bekering gekomen, dat we contact kregen met mensen, hele arme lui in het Greuninger land. De man was een ongelovige en de vrouw was gelovige. De man was ook een bruut. Als die God van jou, en brrrr….. Er was geen eten meer. En er moesten palingen komen. En hij had de sloten schoongemaakt en de sloten konden pas geschouwd worden als er wind kwam. Dan konden die molens weer gaan draaien, gaan werken, en dan zou de waterstroom duidelijk maken dat ze geschoond waren. Dan zou er worden uitbetaald. ja, zo ging dat vroeger. Sorry, en als er geen wind kwam, ja, daar hadden de boeren niet meer of minder van, maar die arbeider die zat wel op die wind te wachten. En als die God van jou geen wind stuurt, en als ik geen palingen vang vandaag. En hij heeft gescholden, hij heeft gescholden. En zij heeft gebeden. Moeke Bos, ik zal haar naam erbij noemen, het is echt hoor, het is serieus. De volgende dag ging hij heen om paling te vangen. Hij komt met een enorme zooi paling thuis. Huh, nooit geweten dat er zoveel paling in die sloot zat. Nou ja, wonderbare visvangst dus. Nee, echt, het is niet alleen vroeger, gewoon, reëel. Twee, ‘s middags een storm. Tjonge jonge, vreselijk. Het ging toch waaien. En hij kwam tot bekering. En zij zegt: “Mijn Jezus heeft van mijn man, van leeuw een lam gemaakt. Zij was eigenlijk continu in de leeuwenkuil, als je begrijpt wat ik bedoel. En dan ineens heeft de Here het gedaan. Goed, dat is wat iedereen kan overkomen. En dat is waar. Voor de leeuwen, in je eigen familie, uitgemaakt, uitgelachen worden. Bespot raken, bij je collega’s. Soms in je eigen geloofsgemeenschap gewoon werkelijk niet meer weten waar je het zoeken moet, leeuwenkuil. Maar de druk, de grote verdrukking, die is enorm geweest voor Daniël, maar die zal ook enorm zijn voor Israël. En de Here brengt je er uit, want de Here heeft ook de leeuw geschapen. Als in het boek Job de Here zegt: “Wie is niet bang voor een krokodil. Heb je ooit een krokodil gevangen voor je kindjes om mee te spelen. Heb je ooit een krokodilletje als een verjaardagskadootje aan die en die gegeven. Heb je dat ooit gedaan. Heb je ooit een krokodil aan een vishaakje gehad.” Nou, je was het vishaakje waarschijnlijk kwijt geweest en jezelf en je handje ook. Dat bedoelt de Here. “Nou, als Ik dan, Ik heb de krokodil gemaakt”, zegt de Here. Over Wie heb je het eigenlijk. Als je nu ziet Wie de Here is, dan wordt je blij, dan wordt je rustig, en dan zeg je: “En U bedoelt Here, dat er in Jeruzalem een moment gaat komen van grote glorie.” Ja, dat bedoelt de Here. En onderweg daar naartoe, zou er best wel eens een leeuwenkuil kunnen zijn. En je bent zo gezegend als je de Here naast je hebt, bij je hebt. Hij laat je niet in de steek, Hij laat je niet vallen, Hij zal er altijd voor zorgen dat je terug komt. Maar jij mag er voor zorgen dat Hij eer krijgt. Dat Hij de troon krijgt, dat Hij de plek krijgt die Hem toekomt. Toen hebben ze gezegd: “Weg met Hem, kruisig Hem. Wij willen niet dat Hij Koning over ons wordt.” En wij hebben open vensters naar Jeruzalem en zeggen: “Hij is wel de Koning.” En de mensen van vandaag zeggen: “Ja, we moeten er voor zorgen…..” Hij is de Koning. Ja, maar die Joden….. In Jeruzalem zal de Koning, zal mijn Here gaan heersen. En wat men ook zegt, wie ook wat zegt, en je hebt waarschijnlijk alles al tegen. Zo ver zijn we. Alles al. En je moet al voorzichtig zijn. Je moet bijna op eieren lopen, wil je op het terrein van theologie nog een klein beetje ruimte creëren voor Israël. Zover is het.
Open vensters in de richting van Jeruzalem. Drie maal daags, zoals hij dat tevoren placht te doen, zo deed hij dat daarna ook. En de Here heeft een wonderlijke uitredding gegeven. En de Here gaat een wonderlijke uitredding geven. En al die leeuwen die straks in Jeruzalem aan het happen zijn. Nederland, België, Duitsland, al die volkeren, die proberen om daar een enorme bijt te krijgen, ze zullen verslonden worden, er blijft niets over. Ik heb het stukje niet gelezen dat de tegenstanders in die leeuwenkuil terecht kwamen, maar het gaat wel gebeuren. Ze gaan in hun eigen agressie ten onder. Ja, zwaar hè. En nou nog een vrolijk liedje of zo, en dan….. Nou, eigenlijk zou ik het zo wel willen laten. ik zou zo graag willen zeggen: “Heb jij open vensters in de richting van Jeruzalem? Houdt dat dan vol.” Zie, wat God gaat doen. Let op de tekenen van de tijd. kijk naar Jeruzalem. Hou het in de gaten, heel scherp. en laat je niet afbrengen van dat enorme doel: De Here Jezus gaat heersen. Hij, Hij gaat regeren. Hij gaat Koning worden, wat er ook gebeurt. Amen.