Openbaring 22 : 1 – 5

Scroll/swipe naar rechts binnen de tabel om deze volledig te bekijken.

28. De boom des levens.

Openbaring Bijbellezing door Dato Steenhuis,
18 mei 2003.

Lezen: Openbaring 22:1-5

We houden ons bezig met het laatste bijbelboek, Openbaring van Jezus Christus. Onthulling, onthulling van onze Heiland, zichtbaar maken van Zijn glorie, dat is het thema. En we zijn nu al een heel eind gevorderd. We zijn bijna aan het slot van dit boek gekomen. Aan het eind volgt ook heel vaak een ontknoping, ontknoping van de clou van het hele verhaal. Nu, dat is hier ook wel een beetje zo. Bedoeld voor de gelovigen, voor mensen die de Here Jezus Christus kennen als hun Heiland en als Hun verlosser. Dat is de voorwaarde die eigenlijk heel helder in dit boek naar voren komt. Het is niet bedoeld voor ge?nteresseerden, het is bedoeld voor mensen die knecht van de Here zijn, die van Hem eigenlijk alles verwachten, en die Hem kennen als hun Heiland en als hun Verlosser. En ik probeer iedere avond, hier, eens in de twee weken zo, wat mij betreft, te vragen of je echt de Here Jezus kent als Heiland en als Verlosser. We kunnen over alles heen gaan, we kunnen gewoon theoretisch van alles bedenken, maar als je niet heel persoonlijk de Here Jezus kent dan sta je er buiten. En dat zou ik aan niemand willen gunnen, want er buiten staan betekent gewoon altijd ongelukkig. En erbij horen, bij de Here Jezus horen, van Hem zijn, geloven in Hem en leven uit God hebben en de Heilige Geest als onderpand hebben betekent, ja, geweldige zegen, schitterende zegen. Het is de openbaring van onze Here Jezus. God onthult Wie Hij is en wat Hij met Hem van plan is. Nu, we zagen al van alles. Ik kan niet alles herhalen, hoeft ook niet want u gaat naar de familie Verschoor achterin en u regelt dat. Zij hebben namelijk alles vastgelegd. Dat moet u doen, want u hebt toch vakantie binnenkort en dan gaat u toch een lange rit maken en dat gepraat van jezelf is misschien niet zo zinnig meer, maar luister dan naar een bandje. Het gaat om Hem, de Here Jezus. God zal het helder maken dat Zijn plannen, Zijn gedachten één centrum hebben en dat is de Here Jezus. En we zagen de Here Jezus al in al Zijn glorie bijna. En nu komt Hij uit de hemel, en Hij komt naar deze aarde, en Hij gaat heersen, Hij gaat regeren. Misschien komt dat ons goed uit op het moment dat we een nieuw kabinet krijgen, nu, dit regeringsgebeuren gaat komen. De Here Jezus komt uit de hemel. Voor Hij uit de hemel komt, gaan wij naar Hem. Dat heb ik duidelijk willen maken. We worden opgenomen, we worden weggevoerd, we worden daar gebracht waar de Here Jezus zelf is. Waar Hij plaats heeft bereid, daar zullen wij bij hem zijn, met Hem zijn. We zullen Hem zien, we zullen Hem bewonderen, we zullen Hem toezingen. We zullen geweldige dingen meemaken. Daar in de hemel vindt de bruiloft van het Lam plaats. We zullen ons altijd aan Zijn zijde mogen weten. De bruiloft van deze week verbleekt dan niet bij dat, maar de bruiloft van het Lam is toch wel heel uniek, is heel bijzonder, is echt geweldig, wij bij Hem. Maar misschien moet ik nog een keer een beetje verder gaan. U en ik zijn door het geloof in de Here Jezus in het lichaam van Christus gekomen. Dat hebben we niet bedacht, dat heeft God bedacht. We hebben het ook niet ervaren op het moment van tot bekering komen, van tot geloof komen, maar het is wel waar. Toen we tot bekering kwamen is de Heilige Geest in ons gaan wonen als een onderpand van die toekomstige erfenis, een geweldige zegen van God. En op hetzelfde moment zijn wij in het lichaam van Christus gevoegd. Dat hebben wij niet gedaan, dat heeft Gods geest gedaan. Vanaf dat moment hoor je bij het lichaam van Christus. En de Here Jezus, van Hem staat in de bijbel, dat Hij Hoofd is boven alles wat er is. er is niets wat Hem niet onderworpen zou zijn. Hij is Hoofd boven alles wat er is. En Hij is als zodanig, als Hoofd boven alles wat er is, gegeven aan de Gemeente als een geschenk. Dus Hij Die Hoofd is boven alles wat er is, is als een geschenk gegeven aan de Gemeente die Zijn lichaam is, en die Gemeente completeert Hem, maakt Hem vol. Wij kunnen ons dat niet zo goed indenken, wij kunnen ons niet realiseren denk ik, daar is ons verstand gewoon, ja, te smal voor, te kort voor, dat Hij incompleet zou zijn zonder ons. Je wilt toch niet zeggen dat Hij, die God is, dat Hij nog een stukje manco heeft. Je kunt toch niet gaan vertellen dat God nog iets, ja, van ons nodig heeft. God heeft, voor Hij de Her Jezus naar deze aarde stuurde, zelfs voor Hij met de schepping begon, een plan gehad, en dat is om de Here Jezus te doen vergezellen van ons. Het klinkt allemaal geweldig aanmatigend, ik bedoel het niet zo. Maar het is zo super als je je realiseert dat jij, door het geloof in Hem, bij het lichaam van Christus gevoegd bent, bij de Gemeente gekomen bent. Heb je niet uitgekozen, heeft God gedaan. En die Gemeente is lichaam van Christus, en aan die Gemeente is de Here Jezus als een buitengewoon geschenk gegeven, en we maken Hem compleet, completeren Hem, de volheid van Hem. De volheid van Hem die alles in allen vervult, Ef. 1:23. Dit is eigenlijk niet te behappen voor ons. Wij, één met de Here Jezus, de Here Jezus één met ons, aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig. Jij en ik, alleen door het geloof in de Here Jezus, gezegend met alle geestelijke zegening in de hemelse gewesten. Het is oneindig hoog. Nou, eigenlijk moet je dan gaan stoppen en zeggen: “Nou, laten we daar maar eens een liedje van zingen.” Maar daar zijn eigenlijk geen liedjes van. Het merkwaardige is dat de bundel Opwekking dan tekort schiet en dat de Johannes de Heer bundel dan te kort schiet, want we hebben dit niet in liedjes. We hebben het waarschijnlijk niet zo gezien of zo. En toch, één met de Here Jezus. Daarom gaat u, voor de Here Jezus terug komt hier op aarde, naar Hem. Dat is misschien wel één van de belangrijkste argumenten voor de opname van de Gemeente. U hoort hier ook niet. U hoort hier niet. U bent hier een vreemdeling, een bijwoner, uw burgerschap is in de hemelen. U hoort in het huis van de Vader, u bent hier maar tijdelijk. U gaat hier vandaan. De Here Jezus, samen met ons, wij samen met de Here Jezus. Als die bruiloft van het Lam geweest is, die eenheid beklonken is, als iedereen zal zien in de hemel hoe schitterend die eenheid is, hoe het plan van God in elkaar steekt, komen we met Hem op aarde. Want Hij gaat terug naar deze aarde. Niet om nog een keer het werk van verlossing en van verzoening te doen, maar om zichzelf te openbaren. Nu, daarover gaan heel veel teksten in de bijbel. Ez. 1 is daar een schitterend voorbeeld van, ik heb het vaker geciteerd, als daar die mobiele troon van God, die gloriewagen, die overwinningswagen, victoriewagen van God uit de hemel komt. Nou, één en al schittering, glorie, heerlijkheid, troon van God, prachtig. De Here Jezus komt uit de hemel. En Hij komt vlak bij Jeruzalem, oostelijk van Jeruzalem, op de Olijfberg, zegt de bijbel. Daar is Hij ook vandaan gegaan en daar komt Hij ook terug. God begint altijd daar waar Hij stopt. Bij Hem is geen hiaat, Hij begint altijd daar waar Hij ook stopte of Hij stopt waar Hij begon, het is altijd compleet bij Hem. Als de Here Jezus vanaf de Olijfberg vertrekt naar de hemel en de engel zegt: “Maar Hij komt zo weer terug hoor, Hij komt terug, en zoals u Hem hebt zien weg gaan, zo komt hij ook terug.” Nu, we weten ongeveer uit Ezechi?l hoe Hij terug komt, de aarde straalt, alles plat, alles onder de indruk, compleet, compleet ondersteboven vanwege de glorie van Hem, zo komt Hij terug. Zo ging Hij kennelijk ook weg. Hij komt terug. Wat gaat er gebeuren. Ik probeerde dat in de vorige avonden al te zeggen. Ja Isra?l zal zien op Hem die doorstoken….. oh, zo zal het dus gaan, toch, we hebben het toch mis gehad. Jij hebt nu, op aarde al gekozen voor de Here Jezus. Jij hebt hier gezegd: “Hij is mijn Heiland, mijn Verlosser, ik geloof in Hem.” Maar zij zullen op dat moment zien op Hem die doorstoken werd. Ze zullen dan Hem zien met wonden en ze zullen vragen: “Wat zijn dat voor wonden in Uw handen.” Ze bekeren zich, zegt de bijbel. Ze keren zich tot Hem, ze vallen voor Hem neer en Hij wordt door hen bewonderd, geprezen.
De Here Jezus komt uit de hemel. Die glorietroon zal een plek krijgen hier op aarde. Die mobiele troon, die u, nog een keer gezegd, in Ez. 1, maar ook in Ez. 43 vindt, komt hier. En de engelen zijn met Hem. Ik heb wel eens uitgelegd dat die glorietroon, die mobiele troon van God, alleen maar engelenwezens herbergt, die raderen, die ofaniem, engelenwezens, blinkend metaal, dat zijn dan de metalen bestanddelen waar de stabiliteit dan vandaan moet komen. Chasmeliem, dat zijn ook engelwezens. Cherubiem, met vleugels, ook engelwezens, dat zijn de engelen. Hij troont op die cherubijnen. De Here Jezus komt hier op aarde. Houd even vol en houd even vast, Hij komt hier op aarde. Op welk moment, op het moment dat Nederland een groep soldaten heeft in Isra?l. Op het moment dat Nederland en Belgi? en Duitsland en Frankrijk en alle nati?n een peloton soldaten of een horde militairen hebben daar in het beloofde land. Ze hebben hun tentenkampen bij de berg Megiddo, Har-Megiddo, Har, berg, Megiddo, daar zijn ze gelegerd. Maar ze zullen strijd voeren rondom Jeruzalem, en het dal van Josafath wordt in de bijbel daarom ook het dal van de beslissing genoemd. Daar gaat het gebeuren. Ik zeg het met een bepaalde bedoeling. De Here Jezus komt terug in Zijn troonwagen, in Zijn mobiele troon. Engelen zijn bij Hem en wij zijn met Hem. We hangen daarboven als het Nieuwe Jeruzalem dat van God uit de hemel neerdaalt als een kubus. Lengte, breedte, hoogte gelijk, we zijn dan bij Hem. Als Hij verschijnt zijn wij er ook. Die glorie van Hem wordt openbaar. En wat gebeurt er dan op aarde, als de Here Jezus zich openbaart aan Isra?l, dan bekeren zij zich. Zij zullen zich op de borst slaan, zij zullen zich in verootmoediging buigen, zij zullen Jes. 53 citeren. Ik denk dat dat de vervulling is van Jes. 53: Om onze overtredingen, de straf die ons de vrede aanbrengt was op Hem en door Zijn striemen is ons genezing geworden. AL die teksten zullen dan echt geciteerd worden en invulling krijgen. En Hij zal zitten op de troon. Wie staan daar voor die troon, de volkeren. Ik citeer Matt. 25, het scheiden van de schapen en de bokken, misschien kent u dat stukje, misschien was u daar bang voor, misschien denkt u van : ik was toch waarschijnlijk wel een beetje bokkig. Mannen zeker, want die hebben in elk geval hun natuur nog tegen. Maar in elk geval, de scheiding van schapen en bokken vindt daar plaats. En de schapen die zullen de zegen krijgen en die bokken die krijgen die zegen helemaal niet. Dat zijn geen mensen, dat zijn geen individuen, lees Mattheus, u ziet: de volken, u ziet Nederland, Belgi?, Duitsland, Frankrijk, u ziet de volken daar staan voor de troon. Dat is niet zo verwonderlijk, want al die volkeren zijn op dat moment daar. Ze hebben allemaal een groep daar, en ze zijn allemaal bezig om Jeruzalem in de pan te hakken. Ze zijn allemaal bezig om daar een finale eindafrekening te cre?eren. Daarom waren ze daar. En de overste van de Nederlandse groep die staat daar voor. Waarschijnlijk niet meneer Karremans, die is al geweest in Srebrenica, maar een andere naam, hij zal wel, maar hij is er. En van Belgi? ook en van Duitsland en van Frankrijk, en ze zijn er allemaal, en ze staan daar op een rij. En dan is de vraag: Wat hebben jullie gedaan met Mijn oude volk. Dat is het criterium. Ja, maar wanneer was U dan ziek. Ja, maar voor zover je dat aan de minste van Mijn broeders, van deze Mijn broeders gedaan hebt, hebt u het mij gedaan. Isra?l, halve dag eerder tot bekering gekomen, nog minder, nu, misschien drie uur eerder. En het zijn dezen, dat zijn Mijn broeders. Dat is de liefde van God. Hij popelde om Zich aan hen te openbaren. Hij had voor hen gebeden: Vader vergeef het hun want zij weten niet wat zij doen, toen Hij stierf. En nu, nu heeft de Here Jezus Zich aan hen geopenbaard, Hij heeft Zich getoond, Hij heeft Zijn handen laten zien. En Hij heeft gezegd: “Daarmee ben ik geslagen in het huis van Mijn liefhebbers. Dat is gebeurd.” En op dat moment gaat de Here Jezus op de troon zitten en scheidt die volkeren vaneen zoals een herder de schapen en de bokken scheidt. en dan is het criterium: wat hebben jullie gedaan met Mijn volk. Wat hebben jullie gedaan met de minste van deze Mijn broeders. Nou, een hoop bokken denk ik. Ik wil niet negatief doen, maar al die landen, al die volkeren, al die machten die daar op dat moment zijn, zijn allemaal bezig om Jeruzalem te pakken. Daarom zijn ze daar. En de bijbel zegt in Zach. 12, dat al die volkeren daar zullen komen. De Here Jezus in de troon, de Here Jezus gaat regeren. Hoe het met Nederland afloopt, met de individu uit het Nederlandse leven gaat het wat anders, die komt voor de grote witte troon, maar het gaat hier om de regering, om de politiek. Wat hebben jullie gedaan met Isra?l. Ik ben niet geroepen om de politiek van meneer Sharon te verdedigen, dat roep ik ik weet niet hoe vaak, maar ik wel geroepen om te vertellen dat God een heel bijzonder plan heeft met Zijn oude volk Isra?l, heel bijzonder. En Nederland zal dat weten. In Belgi? kiezen ze vandaag een nieuw parlement, een nieuwe regering misschien. De anti-joodse stemming is enorm in Belgi?. Maar de Here vraagt ze: “Wat hebben jullie gedaan met Mijn volk. wat hebben jullie gedaan, Fransen, met Mijn volk. Jullie wilden niet meedoen in Irak, omdat jullie daar economische belangen hadden, omdat jullie daar behoorlijk wat geld gepompt hadden in die kerncentrale, maar wat hebben jullie gedaan met Mijn volk.” het is niet zo best met Isra?l. Iedereen zit eigenlijk te popelen om nu mee te doen met de roadmap for peace, weet je wel, met die nieuwe ontwikkeling daar van het Midden-Oosten. Ze zullen eens eventjes: Ja, maar nu moet het een keer gebeuren he, nu moet die angel er een keer uit, nou. Maar onmiddellijk daaraan gekoppeld, nadat deze rechtszitting geweest is, het scheiden van schapen en bokken een feit is, gaat de Here Jezus Zijn zegen uitspreiden. Voor wie, voor Zijn volk, voor volkeren die niet meededen, maar ook in het algemeen voor mensen. Niet voor regeringen, die hebben niets meer. En de zegen breekt aan. Daarover gaat het in hoofdst. 22. De Here Jezus is beneden. De troon van God en de troon van het Lam beneden. Openb. 4 begon met de troon van God in de hemel en het Lam in het midden van alles, in de hemel. En nu, nu is de Here Jezus op aarde. Wij hangen daarboven, nog een keer. Ik heb dat vorige keer vergeleken met een soort Sjechina, een soort wolk van glorie, wolk van heerlijkheid, een kubus. het heilige der heiligen hangt daar als het ware boven. Nu, onlosmakelijk aan Hem verbonden zijn we daar. Als Hij zichtbaar wordt, als Hij de Koning is, de Here is, alle, alle glorie krijgt. Wij hangen dan boven Hem, we roepen: “Yes, Hij is het”, heel stiekem, achter de rug van iemand, Hij is het, weet je wel. Nu, niet achter de rug, maar voor alle ruggen en voor alle personen zullen we zeggen: “Hij is het.” We zullen Hem alle glorie toebrengen. Eén verlangen, Hij, Hij is degene die alle eer moet krijgen. En Hij gaat heersen. De troon van God en de troon van het Lam is daar.
Wat dat betekent voor deze aarde vindt u een beetje voorgesteld in Ez. 43, 44, 45, 46, 47, echt waar. U zult toch een keer aan de slag moeten, maar u hebt en hele vakantietijd voor u, u weet toch niet wat u bij het Lago Maggiore moet doen, dus bijbeltje mee. Neem maar gewoon een Hollandse, Italiaanse is wat moeilijk te lezen. Ik bedoel het een beetje sarcastisch, maar lees dan eens een keer, probeer het dan eens een keer. Probeer er dan eens achter te komen wat de Here allemaal al gezegd heeft over die tijd. Hij komt uit de hemel, Hij zal hier op aarde zijn. De troon op aarde, Matt. 25 nog een keer, het laatste stuk. De mobiele troon van God, de gloriewagen van God, de troon van God is hier. De troon van God en de troon van het Lam.
en Hij toonde mij een rivier van water des levens. Helder als kristal, ontspringend uit de troon van God en van het Lam. Zo begint Openb. 22. Daar, waar die troon van God is, daar ontstaat een zegenstroom, helder als kristal. De glorie van God is al helder als kristal, dat is de kristalheldere diamant he, zo werd de glorie van God aangeduid in Openb. 4. De troon van God op aarde en er ontspringt een stroom van zegen, een rivier van water des levens. Nu, iedereen heeft wel eens ergens een beekje zien opborrelen ergens uit, een bron van iets. Heel lekker fris, ik herinner me, ik ben niet zo’n wandelaar in de bergen, ze hebben me een keer meegesleept. En, ja nou, dat is niet mijn hobby, ik heb het ook nooit meer gedaan geloof ik. Maar in elk geval, ik was heel erg dorstig en we kwamen dus ergens boven en: helder water. Nu, je vergeet dat nooit weer. Als je ergens een bron hebt waar water opborrelt, dat is een heel, heel verkwikkend idee. En hier, hier is een bron van levend water. En ik kan me zo voorstellen dat een dichter ooit gezegd heeft: Bron van levend water, ontspring in mij. Dat kan ook, maar daarover straks. Maar hier is het de troon van God en troon van het Lam. En die stroom van levend water, ja die gaat maar door. en daarover hebben de profeet Zacharia geschreven, hoofdst. 12, 13, 14. Daarover heeft Ezechi?l geschreven, Ez. 47, die tempelbeek, weet u wel, waar je tot aan je enkels in kunt, tot aan je knie?n in kunt, tot aan je lendenen in kunt, en waar je uiteindelijk in kunt gaan zwemmen. Overweldigend gewoon, niet een heel klein beetje minieme zegen, maar royaal, volledig, echt genoeg. Die troon van God is daar en een stroom van levend water. Nu is de begrenzing van die stroom midden op haar straat, en aan weerszijden van de rivier staat het geboomte des levens. Het centrum van die zegenstroom en de afbakening, de afpaling, de weerskanten ervan: de boom des levens. Toen Mozes uit Egypte kwam met het volk Isra?l, en ze bij Mara kwamen en dorst hadden, toen hebben ze zo verlangd naar water en toen zagen ze water en toen konden ze dat water niet drinken want het was bitter. Daarom is de naam Mara, bitterheid, dar gegeven. Maar hoe krijg je dat bittere water nu weer een beetje drinkbaar. Ik bedoel, dat is een beetje een stomme rationele vraag misschien, maar dat gebeurde toen toch. En toen zei de Here tegen Mozes: “Daar, nee, nee, niet die, Ik ben een beetje pietluttig, maar daar”, toen wees de Here hem een hout aan. En toen zei de Here tegen Mozes: “Dat stuk, nee, niet dat stuk”, sorry hoor, nog een keer dat pietluttige van mij, maar “dat stuk hout moet je erin doen en dan is het water gezond.” En Mozes deed dat en het was gezond. Je kon het drinken. Een geweldig wonder daar. De Here Jezus, ik zal het kort door de bocht zeggen: Hijzelf droeg het hout. Zoals Isaäk vroeger het hout droeg, samen met zijn vader Abraham, naar de top van de Moria, zo ging de Here Jezus met het hout des levens, het kruis. Vervloekt is een ieder die aan het hout hangt, zelfde woord, het geboomte. God wees een geboomte aan. Het is zo onvoorstelbaar heerlijk om je realiseren dat de zegenstroom die ontspringt uit de troon van God en uit de troon van het Lam, een afbakening heeft, links en rechts, van het hout des levens.En ook een centrum heeft van het hout des levens: het kruis van de Here Jezus. Ik ben er absoluut zeker van. Dat betekent dat tot in alle eeuwigheid zichtbaar wordt dat verkwikking, dat zegen, ontspringende uit de troon van God, te maken heeft met het kruis van de Here Jezus. Nog preciezer, dat is de verkwikking. Zonder het kruis is er überhaupt geen verkwikking. Het kruis van de Here Jezus. Knijp jezelf eens in de arm, als je kunt zeggen: “Dat kruis is voor mij, voor altijd een zegen van God.” Dat kruis, zegt een oud lied, een oud gezang, werd voor mij de boom des levens. Die wees de Vader zelf mij aan. God zegt: “Kijk, ja, Irak he, zit op slot. Paradijs, daar was de boom van het leven. Daar, ja daar waren de stromen.” Inderdaad, dat paradijs is geweest. Cherubijnen hebben de toegang tot de boom des levens bewaakt met een flikkerend zwaard dat zich heen en weer wendt, en niemand kon naderen. en dan komt het moment dat die cherubijnen als het ware de Here Jezus uit de hemel tillen, dragen, voeren, brengen, en dat Hij hier op aarde in die troon gaat zitten en dat er een bron ontspringt en dat de boom des levens, het geboomte des levens, het hout des levens, aan weerszijden van die stroom en als middelpunt van die stroom te zien is. Weet u dat het kruis van de Here Jezus veel meer is dan het beginpunt van uw nieuwe situatie. We zeggen wel eens tegen mensen: “Je zult een ontmoeting met de Here Jezus moeten hebben.” Waar dan, bij het kruis van de Here Jezus. Ga naar het kruis, bij het kruis is de enige plaats waar je Hem kunt ontmoeten. Amen, amen, moeten we blijven zeggen. Maar de gelovigen moeten nu niet denken dat als je daar één keer geweest bent en daar een ontmoeting met de Here Jezus gehad hebt, dat het dus gewoon goed is en dat je dit als een soort polis in je binnenzak hebt, en dat je daarna niets meer hoeft. Nee, het wordt helder en duidelijk dat de levensstroom ontspringt, daar waar God heerst, waar God denkt, waar God regeert, waar God besluiten neemt, waar raadsbesluiten……: Ik wil niet dat ze verloren gaan, Ik wil dat ze gered worden, Ik wil dat ze behouden worden, Ik wil dat in Veenendaal niemand verloren gaat. Maar ze moeten wel geloven. het enige wat ik vraag is: geloven in de Here Jezus. Is dat nu zo moeilijk. Stel dat je daar nu 10.000 Euro voor moet ophoesten, of twee wasmachines voor Ethiopië? voor zou moeten kopen. Nu, u was gegarandeerd aan het sparen. Maar dat hoeft helemaal niet. het enige wat God vraagt is: Geloof je dat. En wij beginnen met onze constructies: Ja, maar. Nu, daar is de hele kamer mee behangen inmiddels. Je wordt er niet goed van: ja, maar. God vraagt of je dat gelooft. Geloof je dat. En als je gelooft heb je het leven uit God. heb je de Here Jezus leren kennen, ben je bij het kruis geweest, bij de levensboom geweest. Maar bovendien kom je tot de ontdekking dat het kruis veel meer is dan het beginpunt van je geloofsroute. Dat is de inhoud van je geloofsroute, en dat is de afbakening van je geloofsroute. Buiten het kruis is er niets, kom je achter. Onze nieuwe regering, het gaat me niet om een veroordeling, het gaat me niet om de beoordeling zelfs, maar buiten het kruis is er niets. Buiten het kruis is er niets. Is dat een soort discriminering van alles wat buitenom is, of wat met ongeloof te maken heeft. Nu, een beetje wel, maar niet als discriminering bedoeld, maar als belijdenis bedoeld. Buiten het kruis is er niets. Waar zou de wereld dan van kunnen genieten, uiteindelijk van niets. De poel van vuur, de tweede dood, waar de worm niet sterft en vuur niet uitgeblust wordt. Waarom, waarom komen ze daar en is hun uiteindelijke bestemming eeuwig, vuur, pijn, verdriet, wroeging, omdat ze het kruis niet hebben. Waarom kom jij in de hemel, waarom is er zegen, omdat God het kruis heeft willen neerzetten voor wie gelooft. Straks komt die zegenstroom, enorm. Nu, ik denk dat ik uit mijn dak ga en zeg: “Here Jezus, ik wist dat er een zegen aan het kruis gekoppeld was, maar dat er zo’n zegen aan het kruis vast zat. En dat waar die zegenstroom komt, elke stukje onheil wordt opgeheven. Waar elke vorm van onvruchtbaarheid weg gaat en waar zelfs de dode zee he, weet je wel, met dat enorme zoutgehalte, gaat wemelen van vis, nu ja, onvoorstelbaar. het is onvoorstelbaar, dat alles wat aangetast is door, door deze stroom helemaal gaat bloeien. De zegenstroom, nog een keer, je bent zo gelukkig, als je de Here Jezus kent, en als je kunt zeggen: “Dat is voor mij, ik heb dat, ik weet, het is voor mij gebeurd.” Maar straks gaat de Here dit openbaren.
En iedere maand zijn daar vruchten, en de bladeren van het geboomte zijn tot genezing van de volkeren. Dat is een beetje moeilijk. In die tijd is de satan gebonden. In die tijd, laat ik maar zeggen, is er geen verleiding meer. Al die Boeddhabeeldjes zullen waarschijnlijk ook de huizen, sorry, er is geen verleiding meer, het is weg. De satan is gebonden. Mensen worden oud, 969, dat is de oudste in de bijbel, ja dat record wordt verbroken. Een jongeling 100 jaar. Voor ons is dat gewoon af, uit, einde, maar dan begin. Jongeling, koe en berin, ik heb dat vaker gezegd, die tijd. Maar hoe dan. De bladeren van het geboomte zijn tot genezing van de volkeren. Ik wil het nog proberen. Ik heb altijd gedacht dat je de boom aan de vruchten zou kennen, want dat is bijbels. Aan de vrucht kent men de boom. Nu, de vruchtbomen wel. Maar een vriend botanicus zei: “Je kent de boom niet aan…., Ja de vruchtbomen kun je ook aan de vrucht kennen, dat is helder. Als het om vruchtdragen gaat, dan moet je naar die vruchten kijken. Maar als het gaat om de boom zelf, dan moet je naar het blad kijken. De bladeren die zijn kenmerkend voor de boom.” Ik praat een beetje uit de kennis van een vriend die aan Wageningen doceert, die waarschijnlijk meer verstand heeft van bomen en van planten dan ik. Maar in elk geval, het blad. en de bladeren van het geboomte des levens zijn tot genezing van de volkeren. De kenmerkende dingen van het kruis, zullen tot genezing zijn van de volkeren. Ik zal je een voorbeeld geven. Stel, je hebt een conflict met je broer, of met je broeder. Loopt hoog op. Je hebt al een poging tot bemiddeling gedaan, lukt niet. Misschien is er nog een poging. Maar de beste poging is het kruis er tussen plaatsen, en de kenmerkende dingen van het kruis op beide partijen leggen. Al was het alleen maar vader vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen. Voelt u, hoe de kenmerkende dingen van het kruis tot genezing zijn, op dat moment. het conflict verstomt. Ja, vijf minuten later springt er weer iemand op: Ja, maar ik moet je toch nog even zeggen dat…. Ik weet het, maar de bijzondere dingen, de bijzondere eigenschappen van het kruis van de Here Jezus, hebben in pastorale gesprekken, in mijn eigen praktijk, heel vaak wonderen gebracht, echt wonderen. Zodra je man en vrouw hebt in een conflictsituatie, dreigende scheiding of zo, en je krijgt kans om het kruis in te brengen, je moet maar eens kijken wat er gebeurt. Er ontstaat genezing, echt een wonder van genezing. ik ben er diep van overtuigd, als je in conflictsituaties het kruis kunt inbrengen, dat er dan herstel is. Nu, dat gaat gebeuren. In de toekomst zijn de kenmerkende dingen van het kruis zo zegenrijk, dat het tot genezing is van de volkeren. Hun hele denken wordt anders. hun hele reageren wordt anders. Alles wordt anders. Alles is gekoppeld aan het kruis van de Here Jezus, aan Hemzelf, Die als Hij gescholden werd, niet terugschold. Als Hij leed, niet dreigde, van Ik pak je wel, Ik krijg je wel, maar het overgaf aan Hem die rechtvaardig oordeelt. Wij willen daar soms niet aan, want wij vinden dat rollebollen en zo, dat bekvechten, nogal….. Nou ja, niemand vindt het leuk, zeggen ze, maar ondertussen wil ook niemand er mee stoppen. Dat is merkwaardig, het is alsof we er steeds meer aardigheid in krijgen. Alsof het ook steeds beter gaat. Ruziemaken wordt steeds beter, je leert het. Maar vanaf het moment dat het kruis wordt ingebracht, gaat het anders, gaat het echt anders. Nu, dat gaat dan gebeuren. Niets vervloekts zal er meer zijn.
De troon van God en de troon van het Lam zal daar in zijn. Nu, dat is heel merkwaardig, er ontstaat een zegenbron, bij de troon van God. En die zegenstroom gaat vloeien. Afbakening de boom des levens, centrum ook het geboomte des levens. En, het is alsof er een soort cirkel ontstaat, en de troon van God zal daar midden in zijn. Het begon bij de troon van God en de troon van God is nu ineens midden in die zegenstroom te vinden. Ik denk ook dat dat de bedoeling is. Alles, maar dan ook alles, is gekoppeld aan de troon van God. Maar in die zegen kun je ook alleen maar de troon van God zien. Het is alsof je in een cirkel rondkijkt en je ineens tot de ontdekking komt: Daar begint het, maar het is ook het centrum ervan. Het kruis van de Here Jezus is het begin van de zegen, maar is ook het middelpunt van de zegen, het centrum van die zegen. Het is alles gekoppeld aan Hem. Zijn dienstknechten zullen Hem vereren. Nu, ik weet niet hoe je je dat moet voorstellen. Hun naam is op hun voorhoofden. Nu, je ziet soms wel eens als je een bedrijf binnen komt iedereen in hetzelfde pak he, de naam van het bedrijf erop geborduurd. Nu, ik wil graag die Naam op mijn voorhoofd hebben. Ik ben van Hem. Of dat Jezus is, nu, ik denk Here Jezus misschien. Here Jezus, ziet U het, ik hoor bij U. Maar zie je het ook wel, ik hoor bij Hem. En jij zeg tegen mij: “Maar ik hoor ook bij Hem.” En we gaan Hem vereren, dag en nacht. Die dienstknechten zijn daar voor Hem. Alle glorie is daar voor de Here Jezus. geen nacht, geen licht, Hijzelf, het is één en al schittering. Zou je dat niet willen. En als je dat niet wilt, dat nu wilt voor de toekomst, wat betekent dat dan. Kun je nu de Here Jezus begrijpen als Hij zegt in Joh. 7, Joh. 7 he, huiswerk voor, nu ja, maandag, dinsdag, woensdag. Loofhuttenfeest, de Here Jezus in Jeruzalem. Hij zegt, als Hij in de troon van je hart is, als Hij hier Zijn verblijf heeft, als Hij het echt voor het zeggen heeft in mijn leven, wat is dan het gevolg, “Een stroom van levend water zal uit je binnenste vloeien.” Is dat de stroom van Dato, is dat de stroom van Jan, van vul maar in. Nee, ja, dat zeggen we wel een beetje, want applaus is wel aardig hoor. Als mensen zeggen: “Ja, maar naar die dienst moet je, want daar is die vent, en die zegt en die doet en, super.” Nu, je gloeit al een beetje, weet je wel. en het duurt niet al te lang of je hebt andere schoenen aan he. Nog sterker, je bent zelfs naast die schoenen gaan lopen. En de reuk van jezelf, nu, dat is sterker dan de sterkste aftershave. Het begint kwalijk te rieken naar eigendunk. Maar stel nu eens dat de Here Jezus in de troon van mijn hart is. En Hij zegt: “Als dat zo is, gaat de Heilige Geest wat doen he, dan gaat er een stroom van zegen uit jouw binnenste vloeien.” De zegen, gekoppeld aan ik, aan mij, aan ons, aan Hem. Het kruis, het kruis, het kruis, het kruis, daarom zei Paulus: “Niets anders dan Jezus Christus en Die gekruisigd.” Alleen het kruis, het kruis, het kruis, iedere keer opnieuw vertellen van de Here Jezus. Iedere keer opnieuw vertellen van Hem, een zegenstroom. Zal dat geen zegen brengen bij de buren, op de werkplek, in de familie, antwoord, ja. Zou de kenmerkende dingen van het kruis in mijn leven niet tot zegen zijn voor mijn familie, ja. Alleen de moeite is, dat ik vaak afhaak. Ik heb jullie vaker verteld, ik probeerde mijn vader en moeder te bekeren, dat heb ik op een hele aardige manier gedaan, vond ikzelf, maar dat klopte van meter. Het heeft 15 jaar geduurd voordat ik überhaupt weer contact kreeg over geestelijke zaken. Ik kon als zoon wel bij mijn vader komen, maar ik kwam nooit meer bij zijn hart. Ik, het ging niet meer, het was dicht. En na 15 jaar kwam ik tot de conclusie, niet dat hij verhard was, maar dat ik het fout gedaan had. Ik had niet de bladeren van het geboomte des levens ge?taleerd, ik had mijn eigen blad ge?taleerd. Mijn vijgenbladeren, zo groot mogelijk, want ik wist het immers. Dus de bladeren van het kruis waren niet tot genezing voor mijn vader en voor mijn moeder, maar die hebben alleen maar iets gezien van ik, van Dato. Nou, dat is niet zo best als je dat ziet. Ik hoop dat je me begrijpt. De dienstknechten van de Here Jezus hebben Hem op hun voorhoofd. En ze gaan voor Hem, ze gaan hem eren. En er is een geweldige zegen en de duisternis wijkt, de duisternis wijkt, gaat weg. Want het licht breekt door, want jij bent het licht. God in jou, Christus in u, de hoop der heerlijkheid. De Heilige Geest in jou, het licht breekt door. En daar gaat elk spoor van duisternis voor aan de kant.
De Here Jezus. Aan welke kant zit je. Eer zijn twee mogelijkheden. Ofwel de Here Jezus heeft voor jou betaald, en ik hoop dat dat zo is, ofwel, jij moet het zelf vereffenen. En ik hoop niet dat dat zo is, want dat betekent dat je gewoon nooit, maar dan ook nooit meer blijdschap kent. De keus is aan ons. En dat is natuurlijk een beetje raar, want God laat ons kiezen. Hij heeft ons niet robotachtig gemaakt, maar Hij laat ons kiezen. Hij heeft ons de mogelijkheid gegeven een keuze te maken, een bekering, een ommekeer te doen. En die keuze, die moet je vandaag helder hebben. En vanaf dat moment breekt de blijdschap door. Jij en ik, bij de Here Jezus. Samen met de Here Jezus. En als Hij hier zijn zegen op aarde gaat brengen, dan zullen we daarbij zijn. En we zullen alleen maar applaudisseren. We zullen alleen maar accentueren dat Hij het is, dat Hij de enige is. En ik hoop ook van harte dat dat ook de komende dagen gebeurd. Dat we durven zeggen: “Hij is de enige, voor mij is Hij de enige.” Zegen, Balkenende II, met alle respect, ik heb best respect voor Balkenende, nee,. de boom van het leven. Vrede hier, door de VN, met alle respect, de boom van het leven. Blijdschap, zegen, de Here Jezus Christus en Die gekruisigd. Hij is de enige, Hij is echt de enige. En als Hij je hart nu vult, dan wordt je blij, dan wordt je gelukkig, en dan kun je zeggen: “Here Jezus, we gaan voor U, we gaan U dienen, we gaan U eren.” Zoals straks er een enorme explosie komt van zegen vanuit Zijn troon, zo u, vanuit Zijn troon, toch. De enige plek waar de Here Jezus vandaag gezag heeft, is mijn hart en jouw hart, als je gelooft. In de wereld is Hij niet gekend, wil men Hem niet. Maar ik heb gezegd: “Here Jezus, kom in mijn hart, kom in mijn hart Here Jezus. Hier in mijn hart mag U wonen, mag U tronen. Dit is voor U, voor U bedoeld.” Gevolg: zegenstroom. Daarom ben je hier, want God had je na je bekering gelijk in de hemel kunnen tillen. Veel makkelijker voor jou, toch. Geen narigheid meer geen zorg. We hadden gelijk na onze bekering in de hemel kunnen komen. geschikt voor de hemel, direct, maar we zijn hier achter gebleven. Soms met kommer, met moeite, met pijn, met zorg, echt, waarom. Zegenstroom. Vanaf het ziekbed, ja. vanaf de fiets, ook. vanuit de draaibank, ook. Vanuit de kantoorstoel, ook.
Zegenstroom. En de bladeren van het kruis, de bladeren van dat geboomte, de kenmerkende dingen van het kruis, nou, je zult eens wat beleven. Als ze jou zien, dat men over je heen loopt en dat je dat nog toestaat ook. En dat je zegt: “Wat doet het er toe, ik hoor hier ook niet, ik ga toch straks naar de Here Jezus, wat maakt het uit. Als jij zo met ellebogen graag die baan wil, nou alsjeblieft. Vecht maar met strooppotten en weet ik veel en met bruine armen en weet ik, doe maar….,ik….” “Waarom doe je nu zo mal, ben je helemaal moe.” “Nee, ik heb de Here Jezus leren kennen.” Ik verzeker je dat je overmorgen een gesprek hebt over het geloof. In de familie, in de ruziesferen, het is altijd hetzelfde. De Here zegene jullie, en mij. En ik wil zo graag dat uit mijn leven iets van een zegenstroom zichtbaar wordt. Straks wordt die troon van God op aarde neergezet. En dan komt die zegenstroom op gang, Geweldig, schitterend. En nu, ja, nu is het nog een beetje behelpen zou je bijna geneigd zijn te zeggen. Want wij zijn er nog, nou, o.k. Maar het is toch zo, dit is de kern van de zegenstroom: geloven in de Here Jezus.